Epilepsie bij honden
Hèt naslagwerk voor de eigenaar van een hond met epilepsie!

Home

Woordenboek

Nieuws

Viavet

Uw Dierenarts

Canine Epilepsy Resources

Soorten aanvallen

 


Wat is epilepsie?

Soorten epilepsie

Soorten aanvallen

Diagnose en onderzoeken

Aanvullend onderzoek

Behandeling

Valium protocol

Alternatieve behandeling

Voeding bij epilepsie

Wat te doen als...

Veel gestelde vragen

Belangrijk!

Contact

Gastenboek

Forum


Zoals we al eerder lazen, kent epilepsie een aantal verschillende soorten aanvallen. We noemden al de partiele aanvallen, de gegeneraliseerde aanvallen en de atypische aanvallen.

Partiële aanvallen beginnen doorgaans plaatselijk (lokaal) en komen op die manier ook meestal tot uiting: trillen met een oor of een poot, of knipperen met een oog. Soms breiden zulke aanvallen zit uit tot een gegeneraliseerde aanval.
Afhankelijk van de plaats (lokalisatie) kan een partiële aanval zich op verschillende manieren manifesteren. Als voorbeeld kunnen we noemen de "lobus temporalis" aanvallen (psychomotorische aanval), waarbij de hond achter zijn staart aanrent of naar denkbeeldige vliegen hapt, en de Jacksonische epilepsie (epilepsie van Jackson) waarbij de partiële aanval die bijvoorbeeld in 1 poot begint, zich geleidelijk uitbreid naar een gegeneraliseerde aanval.

Gegeneraliseerde aanvallen worden ook wel grand mal genoemd. We schreven al dat zo een aanval uit drie fasen bestaat, waarvan de tweede fase ook weer uit twee delen bestaat.
De aanval begint met de prodrome en de aura, waarbij de hond zich anders dan normaal gedraagt. Hij vraagt soms meer aandacht, is heel onrustig, weet niet goed wat hij wil. Vlak voor de aanval valt dat het meest op; als de hond in de aura zit. Kort daarop begint de tonic fase van de ictus: de hond valt om, verstijft, er ontstaat opisthotonos en soms stopt de ademhaling. Deze fase is doorgaans vrij kort: meestal 10-30 seconde en wordt gevolgd door de clonic fase, waarin de hond met de poten begint te trappen, soms kauwbewegingen maakt en urine en/of ontlasting laat lopen. De pupillen kunnen zich verwijden, er kan salivatio optreden en soms gaan alle haren overeind staan (piloerectio). Deze fase duurt ongeveer 1-2 minuten.
De postictale fase is de afsluiting van de aanval. Soms is de hond meteen weer normaal, vaker echter is hij onrustig, gedesorienteerd, en loopt zwabberig rond. Soms treed blindheid op. De verschijnselen kunnen in duur varieren tussen de enkele minuten en enkele dagen.

De atypische aanvallen spreken voor zich; dat zijn aanvallen die niet in te delen vallen in de eerder genoemde groepen. Dit soort aanvallen komen eerder bij mensen voor, dan bij dieren.

Soms wordt er wel eens gesproken over petit mal (absence) aanvallen. Dit soort aanvallen zijn ongewoon bij honden, ofwel worden vaak niet waargenomen door de eigenaar. Aangezien ze bij mensen regelmatig voorkomen, vallen ze dus onder de groep atypische aanvallen.

Buiten de genoemde soorten aanvallen, zijn er een tweetal bijzondere vormen van een gegeneraliseerde aanval, waar extra aandacht aan besteed moet worden:

Clustering
Dit is wanneer een hond meerdere aanvallen op een dag heeft (met een tussentijd die kan variëren van enkele minuten tot enkele uren), waarvan hij tussentijds voldoende hersteld, dus waarbij een duidelijk herkenbare postictale fase optreedt. U dient uw dierenarts hiervan op de hoogte te stellen, aangezien een cluster vaak niet vanzelf stopt, maar met medicijnen doorbroken moet worden (zie <valium protocol>).

Status epilepticus
Hierbij is sprake van een aanval, die langer dan enkele minuten duurt, waarbij de hond niet of nauwelijks bij bewustzijn komt en er geen duidelijke post-ictale fase optreedt. Elke aanval wordt gevolgd door een nieuwe, waardoor de aanvallen eindeloos door kunnen gaan.

Indien u vermoed dat uw hond in een status epilepticus verkeert, dan dient u met spoed diergeneeskundige hulp in te roepen. Bij niet tijdig ingrijpen kunnen er complicaties optreden die het leven van uw hond in gevaar brengen!

 

 

 

Copyright © VETMED. All rights reserved.